SIELHOF NEUHARLINGERSIEL  

 

 01

Frontaal aanzicht van de Sielhof

 

De Adelresidentie Sielhof werd in opdracht van Siebelt Frerichs Eymen in 1755 gebouwd. In 1825 werd de familie Eucken de nieuwe eigenaar. Toen in 1906 George van Eucken verheven werd in de adelstand, werd het landgoed verbouwd. Sinds 1967 is in de Sielhof ondere andere een restaurant ondergebracht.

 

 02

Detail van de rijk gesneden deur in de Upkammer met de naam van Siebelt Frerichs Eymen en het jaartal 1756.

 

 

Betegeling in de Sielhof, Neuharlingersiel

Het landgoed Sielhof kreeg een rijke betegeling in twee kamers. De ene kamer (der Fliesensaal) is betegeld met bijbeltegels, in de andere zaal (der Upkammer) bevindt zich een schouw met tegeltableaus. Het betreffen  drie tegeltableaus met een bloemstuk en twee met een hanger, geschilderd door Pals Karsten (1723-1776) van de gleibakkerij Buiten de Kerkpoort in Harlingen.

Het onderwerp van deze publicatie gaat in de eerste plaats over de omvangrijke betegeling in de eerst genoemde ruimte, waarin bijna 800 bijbeltegels uit Amsterdam zijn toegepast. Er zijn ons verder geen betegelingen met dit type tegels in deze omvang bekend. Daarom leek het wenselijk een analyse te maken van deze serie. Alle voorstellingen zijn in Tabel 1 bij elkaar geplaatst.

 

 03

Der Fliesensaal met Amsterdamse bijbeltegels van vóór de restauratie.
Opname Heiko Wilts 2008.

 

Allereerst volgt een beschrijving van de indeling van de tegelkamer met vermelding van het aantal tegels dat in Amsterdam, resp. in Harlingen is gemaakt.

 

 04

 Wandindeling van de betegelde wanden in de Fliesensaal.

 

 

Totaal

Amsterdam

Harlingen

Basterde histories

1. Wandvlak links

341

341

---

2. Wandvlak onder raam 8 x 13

104

104

---

3. Vensternis links 15 x 2

30

---

30

4. Vensternis rechts 15 x 2

30

8

22

5. Wandvlak tussen raam en deur 27 x 4

108

106

2

6. Deurnis links 23 x 3

69

69

---

7. Deurnis rechts 23 x 3

69

69

---

8. Wandvlak van 1 rij tegels 23 x 1

23

15

8

Boven het venster

42

40

2

Boven de deur           

33

32

1

Totaal inclusief de halve tegels.

849

784

65

 

 

 05

 Wandvlak links (1), in de vensternis links 1 rij tegels (3)
 Opname : Klaus-Peter Dyroff, 21 januari 2008.

 

  

 06

 Wandvlak onder het venster, 12 tegels breed (2), in de vensternis met aan elke kant een rij tegels (3, 4).

 

 

 07

 Wandvlak tussen raam en deur 27 x 4 tegels (5). Deurnis links, 3 tegels breed (6).

 

 

                                08

 Deurnis rechts, 3 tegels breed (7) en 1 rij tegels rechts (8)  

 

Documentatie

Toen bleek dat restauratie dringend nodig was, werd de Firma Restaurierungsatelier Mosaikkunst Klaus-Peter Dyroff te Schmiedeberg gevraagd, de tegels van de muur te verwijderen. Op 21 januari 2008 werd daarvan een fotoreportage gemaakt. Na het demonteren van de 849 tegels kon Klaus-Peter Dyroff op 4 december 2009 deze weer overdragen aan de Sielhof.

Na de restauratie in 2010 heeft Pastor Wolfgang Beier te Mönkeboe op 18 maart 2013 nagenoeg alle Amsterdamse bijbeltegels gefotografeerd. Van de 849 zijn er 643 door hem per tegel opgenomen, die voor een groot deel voor deze publicatie gebruikt zijn.

Aanvullende opnamen werden gemaakt door Achim Röder te Neuenhaus op 19 oktober 2013 (algemene opnamen) en op 8 augustus 2014 de tegels van de vensternis. Jan Pluis te Noordsleen fotografeerde op 8 augustus 2014 de tegels en tableaus van de haardnis.

 

Het vervaardigingsproces van een tegel

Eerst zou ik graag het proces van het vervaardigen van een traditioneel gevormde tegel tonen en beschrijven (afb. 9). Nadat de klei bereid is (wassen, toevoeging van kalk of mergel) worden de tegels met de hand gevormd met behulp van enkele gereedschappen. De steenmaker (de man die de tegel vormt) strooit een beetje zand op de tafel waarop de tegel gevormd zal worden opdat de tegel niet vastplakt op de tafel. De verdere werkwijze wordt bij de afbeelding beschreven.

 

 09

 Vormgeving, biscuitbrand, glazuren en beschilderen van tegels:

 

1.

Vormraam met rolstok voor het vlakrollen van de kleimassa;

2.

De juist gevormde tegel met snijplankje. In het snijplankje is in de twee tegenover elkaar liggende hoeken een klein spijkertje geslagen. De twee iets uitstekende spijkertjes voorkomen het verglijden van het snijplankje tijdens het snijden. Bij de kant en klare tegel ziet men nog altijd de kleine spijkergaatjes (tot ca. 1864).

3.

Met dit mes wordt de tegel schuin naar binnen op maat gesneden;

4.

Een keer gebakken tegel (biscuit);

5.

Tegel bedekt met witbakkende tinglazuur;

6.

Een met koolstof gevuld linnen zakje. Daarmee wordt op de tinglazuur liggende spons geklopt. 
De hoofdlijnen van het decor staan nu in kleine zwarte stipjes op de tinglazuur.

7.

Spons + tegel met doorgestoven hoofdlijnen;

8, 9.

De hoofdlijnen worden nu met speciaal penseel geschilderd (de ‚trek‘);

10.

De geheel geschilderde tegel wordt voor de tweede keer gebakken (glazuurbrand);

11.

Kant en klare tegel.

Het vervaardigingsproces is bij de bijgemaakte tegels (1990, 2011) niet wezenlijk anders.

 

In de Sielhof komen twee soorten bijbeltegels voor: het ene type met fijn geschilderde bomen, het andere type met gesponste boompjes (Basterde histories).  
Bijbeltegels werden in Nederland sedert ongeveer 1640 geproduceerd. Voor de afbeeldingen gebruikte men vaak prenten als voorbeeld, vooral die van Pieter Schut.
(Pieter H. Schut, Toneel ofte Vertooch der Bybelsche Historien, Amsterdam 1659). De tegels in de Sielhof echter hebben geen grafisch voorbeeld. Het blijkt dat alle voorstellingen van de tegels in de Sielhof uitsluitend terug gaan op Utrechtse tegels, die daar vanaf ca. 1680 tot ca. 1750 zijn gemaakt. Het lijkt er op dat omstreeks 1750 de Utrechtse sponsen van de fijn geschilderde tegels in Amsterdam zijn terecht gekomen waarmee de tegels van Sielhof zijn gemaakt. In Tabel 1 is dat geïllustreerd. Na veel vergelijken bleek dat de fijn geschilderde tegels in Amsterdam vervaardigd werden, naar alle waarschijnlijkheid in de beroemde tegel- en aardewerkbakkerij van Willem van der Kloet (1666-1747) aan de Prinsengracht, genaamd De Twee Romeinen.

De tegels in de Sielhof zijn in een dubbele cirkel geschilderd. Het hoekmotief wordt ossenkop genoemd en gaat terug op een motief op Chinees porselein en komt sinds ongeveer 1620 als hoekmotief op Nederlandse tegels voor. De ossenkop van de Amsterdamse bijbeltegels hebben korte horens.

Van het type met de fijn geschilderde bomen zitten 765 tegels aan de muur, daarvan zijn 650 goed zichtbaar. Er konden 37 verschillende voorstellingen worden vastgesteld (OT 17, NT 20). Dat betekent dat veel voorstellingen zich herhalen. De meest voorkomende scène is Jezus die door de zondares wordt gezalfd (N 164,  30x), tot de minst voorkomende voorstellingen behoren De genezing van de knecht van de Romeinse hoofdman van Kafarnaüm (N 138b) en het gebed van Jezus in Getsemane - Jezus wordt door een engel gesterkt (N 173), ieder 6x.

Er zijn nog enkele betegelingen bekend met hetzelfde type Amsterdamse tegel. Een omvangrijke verzameling is te vinden in List op Sylt in een Gasthof (afb. 14). Het gaat hier om 339 tegels. Een andere tegelwand met het hier beschreven type bevindt zich in het Nissenhaus te Husum, afkomstig uit een pand op Föhr (afb. 15). Deze serie loopt nagenoeg parallel aan die van de Sielhof. Slechts een enkele voorstelling daarvan komt niet voor in die van de Sielhof: Simson laat de tempel van Dagon instorten (Richt. 16:28-30, O 151). Van die voorstelling wordt hier het oudste type afgebeeld (Utrecht, ca. 1680) en een tegel van het Nissenhaus in Husum. Van de oudste Utrechtse serie van ca. 1680, die als voorbeeld diende, konden 39 verschillende voorstellingen worden gedocumenteerd (OT 28, NT 11). Een tweede voorstelling die in de Sielhof ontbreekt is die van De beren die de kinderen van Bet-El  verscheuren (2 Kon. 2:24b, O 232).

Een andere betegeling bevindt zich als tegelwand achter een Bilegerofen in Blocksberg (Gem. Galmsbüll; afb. 16). In deze wand zat ook een schepentableau van Dirk Danser, van wie een aantal tableaus bekend is tussen 1730 en het jaar van zijn overlijden in 1764. In dit huis is ook een kleine messing zonnewijzer aangetroffen met het jaartal 1759. De betegeling zal eveneens van omstreeks 1759 zijn. Niet zover daar vandaan is nog een tegelwand met hetzelfde type bijbeltegel aangetroffen en wel in Dagebüll (afb. 17).

De noordfriese zeelui voeren vaak op schepen uit Amsterdam. De meegebrachte tegels werden vooral afgezet in Noordfriesland. Een gebied waar doorgaans vrijwel alleen Friese tegels zijn toegepast is de betegeling van de Sielhof met Amsterdame tegels dan ook een uitzondering.

 

 10

 O 151 Richt.16:28-30 - Simson laat de tempel von Dagon instorten, Utrecht, ca. 1680.
 (Nederlands Tegelmuseum, Otterlo)

 

 11

 O 151 Richt.16:28-30 - Simson laat de tempel von Dagon instorten,  Amsterdam, ca. 1750.
 Betegelde kamer uit Föhr (Nordsee Museum Nissenhaus, Husum)

 

Een andere plaats waar men het type tegel van de Sielhof niet zou verwachten is Emsdetten. Daar zijn op twee locaties deze tegels te vinden, wel met een aanvulling van tegels die naar de prenten van Pieter Schut - en een enkele naar een Rotterdamse tegel - zijn geschilderd: Gasthof Düsterbeck en Gasthof Engeln.
Deze tegels zullen via de Ems naar Emsdetten zijn gekomen, waar een belangrijke linnenhandel was.
Een tegelserie is voortdurend in beweging, Er komen voorstellingen bij en er gaan voorstellingen af. Dat er in Emsdetten andere voorstellingen zijn toegevoegd zou kunnen duiden op een iets latere datering, ca. 1760. Zowel de betegeling van Gasthof Engeln (afb. 18) als Düsterbeck bevatten tegels die niet alleen teruggaan op Utrechtse tegels maar ook op prenten van Pieter Schut en Rotterdamse tegels.
Voordat de sponsen van de Sielhoftegels uit Utrecht in Amsterdam terecht kwamen was de Amsterdamse serie bijbeltegels homogener en is vrijwel geheel naar de prenten van Pieter Schut geschilderd. Een voorbeeld daarvan is te vinden in de Amalienburg in het slotpark Nymphenburg te München, gebouwd 1734-1739 (afb. 19).

Behalve Amsterdamse tegels komen nog 21 voorstellingen voor van het type Basterde histories (eenvoudige voorstellingen tussen gepsonste boompjes) uit Harlingen, eveneens daterend van ca. 1755. Deze tegels zijn te zien in de vensternissen en in de vloer van de haard.

 

 

 12

 Veld van 16 tegels van wandvlak 5.

 

 13

 

De voorstellingen van de tegels van afb. 12.

 

In Overzicht 1 zijn van alle voorstellingen van de Amsterdamse tegels bijbelplaats en titel vermeld, vooraf gegaan door een getal dat correspondeert met de nummering in het boek van Jan Pluis, Bijbeltegels. Bijbelse voorstellingen op Nederlandse wandtegels van de 17e tot de 20e eeuw / Bibelfliesen. Biblische Darstellungen auf niederländsichen Wandfliesen vom 17. bis zum 20. Jahrhundert. Münster 1994. In de laatste kolom staat achter iedere voorstelling het aantal keren dat een bepaalde voorstellingen in de Sielhof is aangetroffen.

 

 

Overzicht 1. Lijst van de voorstellingen van de Amsterdamse bijbeltegels, Sielhof

 

 

Oude Testament

 

 

7

Gen. 3:6

Adam en Eva in het paradijs - de zondeval

15

14

Gen. 4:8

Kaïn slaat Abel dood

8

23

Gen. 11:3-5

De torenbouw van Babel

12

34

Gen. 19:26

De verwoesting van Sodom en Gomorra - Lots vrouw als zoutpilaar

20

57

Gen. 32:25,26

Jakob worstelt met de engel

22

76

Gen. 44:11,12

De zilveren beker in Benjamins zak gevonden

20

86

Ex. 2:12b

Mozes begraaft de Egyptenaar

7

109

Ex. 34:29-32

Mozes toont de nieuwe stenen tafelen

22

116

Num. 21:8,9

De koperen slang

19

120

Dtn. 34:1-5

De dood van Mozes

14

144

Richt. 14:6

Simson verscheurt een leeuw

21

175

1 Sam. 17:51

David houwt Goliat het hoofd af

13

216

1 Kon. 17:6

Elia door de raven gevoed a

20

216

1 Kon. 17:6

Elia door de raven gevoed b

14

228

2 Kon. 2:11

Elia's hemelvaart

8

231

2 Kon. 2:23,24a

Elisa door de kinderen van Betel bespot

16

290

Jona 2:11

Jona wordt aan land gespuwd

13

302

Tob. 6:4,5

Tobias en de engel onderweg

12

 

 

 

276

 

Nieuwe Testament

 

 

12

Luk. 2:8-11

De verkondiging aan de herders

20

21

Mat. 2:14

De vlucht naar Egypte

13

27

Mat. 3:16

De doop van Jezus in de Jordaan

20

28

Mat. 4:3

De verzoeking in de woestijn - stenen veranderen in broden

21

36

Joh. 4:7

Jezus en de Samaritaanse vrouw

20

67

Mark. 12:41-44

Het penningske van de weduwe

17

92

Luk. 10:29b-34a

De barmhartige Samaritaan - hulp voor de gewonde

9

107

Luk. 15:14-17

De verloren zoon als varkenshoeder

11

110

Luk. 16:19-21

De rijke man en de arme Lazarus

13

136

Joh. 5:5-9

De genezing van de verlamde te Betesda

18

138a

Mat. 8:5-8

De genezing van de knecht van de Romeinse hoofdman

19

138b

Mat. 8:5-8

De genezing van de knecht van de Romeinse hoofdman

6

140

Mat. 8:23-27

Jezus stilt de storm op het meer

14

158

Joh. 11:43,44

De opwekking van Lazarus

14

163

Mat. 21:19

De vervloeking van de vijgenboom

8

164

Luk. 7:37,38

Jezus door de zondares gezalfd

30

167

Joh. 13:6-8a

De voetwassing - Petrus weigert zich de voeten te laten wassen

22

173

Luk. 22:43

Jezus' gebed in Getsemane - Jezus gesterkt door engel

6

178

Mat. 26:75a

De (derde) verloochening van Petrus

19

186

Joh. 19:1

De geseling

18

203

Mat. 28:2-4

De opstanding

23

 

 

 

341

 

OT 276 + NT 341 + 15 (rij 8) = 632

 

 Tabel 1. De Amsterdamse bijbeltegels en hun voorbeelden

 

 

 

 

 

 

 

 

 14

 Zes tegels in de Alte Gasthof in List op Sylt. Foto: Wilhelm Joliet (2014).

 

In List op Sylt bevindt zich in Der Alte Gasthof een geheel betgelde kamer met 339 tegels van het type van de Sielhof. De wanden met deze tegels zijn allemaal afgebeeld in de publicatie van Wilhelm Joliet: Bijbeltegels van de 18e eeuw in een 1650 gebouwde boerderij in List op Sylt

www.geschichte-der-fliese.de/gasthof.html  

 

 15

 O 120 De dood van Mozes (Deut. 34:1-5); O 176 David houwt Goliat het hoofd af
  (1 Sam. 17:51), ca. 1750. Betegelde kamer uit Föhr (Nordsee-Museum Nissenhaus, Husum;
 Foto 2013 Gerd Kühnast  

 

 

 16

 Detail van een tegelwand in een boerderij te Blocksberg (Gem. Galmsbüll).

 

 17

 Detail van een tegelwand in een boerderij op Nommenswarft, Dagebüll.

 

 18

 Detail van een tegelwand in Gasthof Engeln in Emsdetten, Amsterdam, ca. 1760.
 Foto Heiko Wilts.  

 

De tegelwand in Emsdetten (afb. 18) toont een mengeling van Amsterdamse tegels naar de prenten van Pieter Schut en van Utrechtse voorstellingen die na 1750 aan de oorspronkelijke Amsterdamse voorstellingen toegevoegd werden.

 

 19

Vier tegels naar de prenten van Pieter Schut, Amalienburg, München, ca. 1739.

 

 

Basterde histories

Het andere type bijbeltegel wordt in Friesland ‘Basterde storie’ genoemd (storie = bijbelhistorie). Basterd betekent eenvoudig. Het motief is tussen twee heuvels geschilderd waarop een boom staat met gesponste bladergroepen. Deze zijn met behulp van een sponsje aangebracht. Omstreeks 1700 waren de bomen nog voluit geschilderd, rond 1715 komen tegels met bomen voor die nu eens geschilderd dan weer gesponst zijn. Na 1720 worden ze uitsluitend gesponst. De voorstelling is tot het eenvoudigste gereduceerd, waardoor een aantal voorstellingen zonder kennis van de vroegere uitvoering nauwelijks zijn te herkennen.

 

Overzicht 2. Lijst van de Basterde histories (Harlingen)  

76

Gen. 44:11,12

De zilveren beker in Benjamins zak gevonden

2

104

Ex. 32:1-4

Het gouden kalf - de aanbidding

1

115

Num. 13:23

De verspieders

4

6

Luk. 1:28-31

De aankondiging van de geboorte van Jezus aan Maria

5

12

Luk. 2:8-11

De verkondiging aan de herders

5

36

Joh. 4:7

Jezus en de Samaritaanse vrouw

2

42

Mat. 14:6,7

De dochter van Herodias (Salome) danst voor Herodes

4

45

Mark. 6:28

Johannes de Doper onthoofd - de beul geeft het hoofd aan Salome

2

49

Mat. 16:18,19

Jezus geeft de sleutels aan Petrus

1

54

Joh. 8:3-7

Jezus en de overspelige vrouw

4

60

Mat. 18:1-3

Jezus stelt het kind ten voorbeeld

10

63

Mat. 20:20,21

De moeder van de zonen van Zebedeüs

2

64

Luk. 19:3-6

Jezus roept Zacheüs uit de boom

1

77

Mat. 7:3

De splinter en de balk

3

134

Luk. 5:18-20

De genezing van een verlamde te Kafarnaüm

4

138

Mat. 8: 5-8

De genezing van de knecht van de Romeinse hoofdman

5

142

Mat. 9:20-22

De genezing van de bloedvloeiende vrouw

7

147

Joh. 6:12,13

De eerste wonderbare spijziging

6

158

Joh. 11:43,44

De opwekking van Lazarus

10

188

Mat. 27:29b

De bespotting bij Pilatus

5

207

Luk. 24:15,16

De Emmaüsgangers

1

 

 

 

84

Basterde stories, 84 tegels, OT 3, NT 18.

 

 

 Tabel 2 De basterde histories van de Sielhof

 

 

 

 

 

 

Overzicht 3. Lijst van de Basterde histories, Harlingen
(in de vloer van de haardnis, voor zover te herkennen)

 

76

Gen. 44:11,12

De zilveren beker in Benjamins zak gevonden

2

104

Ex. 32:1-4

Het gouden kalf - de aanbidding

1

109

Ex. 34:29-32

Mozes toont de nieuwe stenen tafelen

4

6

Luk. 1:28-31

De aankondiging van de geboorte van Jezus aan Maria

2

36

Joh. 4:7

Jezus en de Samaritaanse vrouw

1

42

Mat. 14:6,7

De dochter van Herodias (Salome) danst voor Herodes

2

45

Mark. 6:28

Johannes de Doper onthoofd - de beul geeft het hoofd aan Salome

2

49

Mat. 16:18,19

Jezus geeft de sleutels aan Petrus

2

54

Joh. 8:3-7

Jezus en de overspelige vrouw

1

63

Mat. 20:20,21

De moeder van de zonen van Zebedeüs

1

77

Mat. 7:3

De splinter en de balk

1

138

Mat. 8:5-8

De genezing van de knecht van de Romeinse hoofdman

5

142

Mat. 9:20-22

De genezing van de bloedvloeiende vrouw

3

147

Joh. 6:12,13

De eerste wonderbare spijziging

1

159

Mat. 20:29-34

De blindengenezing bij Jericho

2

188

Mat. 27:29b

De bespotting bij Pilatus

1

207

Luk. 24:15,16

De Emmaüsgangers

1

 

 

Amsterdam

32

67

Mark.12:41-44

Het penningske van de weduwe

1

28

Mat. 4:3

De verzoeking in de woestijn - stenen veranderen in broden

1

216

1 Kon.17: 6

Elia door de raven gevoed

1

 

 20

De vloer van de haard met 35 herkenbare voorstellingen.

 

 

Restauratie

De tegels hebben in de loop van de tijd door optrekkend vocht zout opgenomen, waardoor de glazuur bij een aantal tegels beschadigd werd. Er werd twee keer gerestaureerd: in 1990 door Tegel- en Aardewerkabriek van Koninklijke Tichelaar te Makkum en in 2010 door de Harlinger Aardewerk- en Tegelfabriek Oswald te Harlingen.

 

 21

 Overzicht van de restauratie.
 Op de werktafel enkele fasen gedurende de restauratie bij Oswald in Harlingen.

 

Zoals reeds gemeld werden de tegels in 2009 van de muur verwijderd. Daarna gingen de tegels voor restauratie naar de Harlinger Aardewerk- & Tegelfabriek van de familie Oswald (afb. 21). Deze liet de tegels ontzouten. In totaal werden 62 tegels bijgemaakt, geschilderd door Harm Posthumus. Alle tegels werden op sandwichpanelen met aluminium honingraat met epoxybekleding gelijmd met een duurzame flexibele kit en vervolgens in november 2010 door de Harlinger Aardewerk- & Tegelfabriek weer aangebracht. Echter niet meer in dezelfde ordening als voor die tijd. Bij het ontzouten zijn de genummerde etiketjes er af gegaan.
Afbeelding 22 toont aan de hand van drie voorstellingen (De verkondiging aan de herders, Het penningske van de weduwe; De genezing van de verlamde te Betesda) de verschillende stijlen.
De eerste rij toont de originele tegels van 1756, de tweede en derde rij, die in 1990 bij Tichelaar zijn bijgemaakt door resp. de schilders Bouke Prins en Jouke Jongstra en tenslotte die van 2010 van Oswald van de schilder Harmen Posthumus.

 

 22

  Enkele voorbeelden van de originele tegels en de bijgemaakte tegels (12 – De verkondiging aan de herders, 
  N 67 – Het penningske van de weduwe, N 136 – De genezing van de verlamde te Betesda).

 

  

 23

  De 30 decors, die bij Oswald geschilderd zijn.

 

 

 24

 Overzicht van een sterk beschadigde tegel (links onder, Bouke Prins, Tichelaar) tot de nieuwe bijgemaakte tegel 
 (rechts boven, Harm Posthumus, Oswald) en glazuurproeven.

 

 

 

Overzicht 4. De afzonderlijke motieven van de Amsterdamse tegels in de Sielhof met de vermelding van titel en vers en de bijbehorende versregels
De teksten zijn uit de Nieuwe Vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap, 1972

 

O 7
ADAM EN EVA IN HET PARADIJS
- de zondeval
Gen. 3:6.
En de vrouw zag, dat de boom goed was om van te eten, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, dat de boom begeerlijk was om daardoor verstandig te worden, en zij nam van zijn vrucht en at, en zij gaf ook haar man, die bij haar was, en hij at.

 

 

O 14
Abel KAÏN SLAAT ABEL DOOD
Gen. 4:8.
Maar Kaïn zeide tot zijn broeder Abel: (Laten wij het veld ingaan). Toen zij nu in het veld waren, stond Kaïn tegen zijn broeder Abel op en doodde hem.

 

 

O 23
DE TORENBOUW VAN BABEL
Gen. 11:3-5.
En zij zeiden tot elkander: Welaan, laten wij tichelen maken en die goed bakken. En de tichel diende hun tot steen en het asfalt diende hun tot leem. Ook zeiden zij: Welaan, laten wij ons een stad bouwen met een toren, waarvan de top tot de hemel reikt, en laten wij ons een naam maken, opdat wij niet over de gehele aarde verstrooid worden. Toen daalde de HERE neder om de stad en de toren, die de mensenkinderen bouwden, te bezien, (...)

 

 

O 34  
DE VERWOESTING VAN SODOM EN GOMORRA - Lots vrouw tot zoutpilaar geworden
Gen. 19:26.
Maar zijn vrouw, die achter hem liep, zag om, en werd een zoutpilaar

 

 

O 57
JAKOB WORSTELT MET DE ENGEL
Gen. 32:24,25.

Zo bleef Jakob alleen achter. En een man worstelde met hem, totdat de dag aanbrak. Toen deze zag, dat hij hem niet overmocht, sloeg hij hem op zijn heupgewricht, zodat Jakobs heupgewricht ontwricht werd, terwijl hij met hem worstelde.

 

 

 

O 76
DE ZILVEREN BEKER IN BENJAMINS ZAK GEVONDEN
Gen. 44:11,12.

Toen haastte ieder van hen zich zijn zak af te laden op de grond, en ieder opende zijn zak. En hij stelde een onderzoek in; hij begon bij de oudste en eindigde bij de jongste; en de beker werd gevonden in Benjamins zak.

 

 

O 86
MOZES BEGRAAFT DE EGYPTENAAR
Ex. 2:12b
(...) en verborg hem in het zand.

 

 

O 109
MOZES TOONT DE NIEUWE STENEN TAFELEN
Ex. 34:29-32.
Toen Mozes van de berg Sinai afdaalde, - de twee tafelen der getuigenis nu waren in de hand van Mozes, toen hij van de berg afdaalde - wist hij niet, dat de huid van zijn gelaat straalde, doordat hij met Hem gesproken had. Toen Aäron en al de Israëlieten Mozes zagen, zie, de huid van zijn gelaat straalde, en zij durfden hem niet naderen. Toen riep Mozes hen tot zich, en Aäron en al de vorsten in de vergadering keerden tot hem terug en Mozes sprak hen toe. Daarna naderden al de Israëlieten en hij gebood hun al wat de HERE tot hem gesproken had op de berg Sinai.

 

 

O 116
DE KOPEREN SLANG
Num 21:8,9.
De HERE zeide dan tot Mozes: Maak een vurige slang en plaats die op een staak; ieder, die daarnaar ziet, wanneer hij gebeten is, zal in leven blijven. Toen maakte Mozes een koperen slang en plaatste die op een staak; en wie, wanneer een slang hem gebeten had, op de koperen slang zijn blik richtte, bleef in leven.

 

 

 

O 120
DE DOOD VAN MOZES
Deut. 34:1-5.
Toen beklom Mozes uit de velden van Moab de berg Nebo, de top van de Pisga, die tegenover Jericho ligt, en de HERE liet hem het gehele land zien: Gilead tot Dan toe, het gehele Naftali, het land van Efraïm en Manasse, het gehele land van Juda tot aan de achterste zee, het Zuiderland en de Streek, het dal van Jericho, de Palmstad, tot Soar toe. En de HERE zeide tot hem: Dit is het land, dat Ik Abraham, Isaak en Jakob onder ede beloofd heb met deze woorden: aan uw nageslacht zal Ik het geven. Ik heb het met uw ogen laten zien, maar gij zult daarheen niet overtrekken. Toen stierf Mozes, de knecht des HEREN, aldaar in het land Moab, volgens des HEREN woord.

 

 

O 144
SIMSON VERSCHEURT EEN LEEUW
Richt. 14:6.
Maar de Geest des HEREN greep hem aan, zodat hij die uiteenscheurde, zoals men een bokje uiteenscheurt - zonder dat hij iets in de hand had. Noch aan zijn vader noch aan zijn moeder deelde hij echter mee, wat hij gedaan had.

 

 

O 174
DAVID HOUWT GOLIAT HET HOOFD AF
1 Sam. 17:51.
David snelde toe, bleef bij de Filistijn staan, greep diens zwaard, trok het uit de schede en doodde hem. Hij hieuw hem het hoofd ermee af. Toen de Filistijnen zagen, dat hun held dood was, sloegen zij op de vlucht.

 

 

O 216
ELIA DOOR DE RAVEN GEVOED a
1 Kon. 17:6.
De raven brachten hem des morgens brood en vlees, en des avonds brood en vlees, en hij dronk uit de beek.

 

 

O 216
ELIA DOOR DE RAVEN GEVOED b
1 Kon. 17:6.
De raven brachten hem des morgens brood en vlees, en des avonds brood en vlees, en hij dronk uit de beek.

 

 

O 228
ELIA'S HEMELVAART
2 Kon. 2:11.
En, terwijl zij voortgingen, al wandelende en sprekende, zie, een vurige wagen en vurige paarden! en die maakten een scheiding tussen hen beiden. Alzo voer Elia in een storm ten hemel.

 

 

O 231
ELISA DOOR DE KINDEREN VAN BETEL BESPOT
2 Kon. 2:23,24a.
Vandaar ging hij naar Betel. En toen hij de weg opklom, kwamen er kleine knapen uit de stad, die de spot met hem dreven en hem toeriepen: Kom op, kaalkop! Kom op, kaalkop! Toen wendde hij zich om, zag hen en vervloekte hen in de naam des HEREN.

 

 

O 290
JONA WORDT AAN LAND GESPUWD
Jona 2:10.
En de HERE sprak tot de vis en deze spuwde Jona uit op het droge.

 

 

O 302
TOBIAS EN DE ENGEL ONDERWEG
Tob. 6:4-6 (St.V. 6:6,7).
De engel vervolgde: 'Snijd de vis open, haal het hart, de lever en de gal eruit en berg die goed op.' En de jongeman deed wat de engel hem zei. Daarna bakten ze de vis en gingen eten. Samen zetten zij hun reis naar Ekbatana voort.

 

 

N 12
DE VERKONDIGING AAN DE HERDERS
Luc. 2:8-11.
En er waren herders in diezelfde landstreek, die zich ophielden in het veld en des nachts de wacht hielden over hun kudde. En opeens stond een engel des Heren bij hen en de heerlijkheid des Heren omstraalde hen, en zij vreesden met grote vreze. En de engel zeide tot hen: Weest niet bevreesd, want zie, ik verkondig u grote blijdschap, die heel het volk zal ten deel vallen: U is heden de Heiland geboren, namelijk Christus, de Here, in de stad van David.

 

 

N 21
DE VLUCHT NAAR EGYPTE
Mat. 2:14.
Hij stond op en hij nam in de nacht het kind en zijn moeder en week uit naar Egypte, (...)

 

 

N 27
DE DOOP VAN JEZUS IN DE JORDAAN
Mat. 3:16 // Marc. 1:10 // Luc. 3:21b,22.
Terstond nadat Jezus gedoopt was, steeg Hij op uit het water. En zie, de hemelen openden zich, en hij zag de Geest Gods nederdalen als een duif en op Hem komen.

 

 

N 28
DE VERZOEKING IN DE WOESTIJN
- stenen veranderen in broden
Mat. 4:3 // Marc. 1:13 // Luc. 4:3.
En de verzoeker kwam en zeide tot Hem: Indien Gij Gods Zoon zijt, zeg dan, dat deze stenen broden worden.

 

 

 

N 36
JEZUS EN DE SAMARITAANSE VROUW
Joh. 4:7.
Er kwam een vrouw uit Samaria om water te putten. Jezus zeide tot haar: Geef Mij te drinken.

 

 

N 67

HET PENNINGSKE VAN DE WEDUWE

Marc. 12:41-44 // Luc. 21:1-4.

En Hij ging tegenover de offerkist zitten en zag met aandacht, hoe de schare kopergeld wierp in de offerkist. En vele rijken wierpen er veel in. En er kwam een arme weduwe, die er twee koperstukjes in wierp, dat is een duit. En Hij riep zijn discipelen en zeide tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, deze arme weduwe heeft het meeste in de offerkist geworpen van allen, die er iets in geworpen hebben. Want allen hebben er in geworpen van hun overvloed, maar zij heeft van haar armoede er in geworpen, al wat zij had, haar ganse levensonderhoud.

 

 

N 92
DE BARMHARTIGE SAMARITAAN
- hulp voor de gewonde
Luc. 10:29b-34a.
(...) En wie is mijn naaste? Daarop hernam Jezus en zeide: Een zeker mens daalde af van Jeruzalem naar Jericho en viel in de handen van rovers, die hem niet alleen uitschudden, maar ook slagen gaven en weggingen, terwijl zij hem halfdood lieten liggen.
Bij geval daalde een priester af langs die weg; en deze zag hem, doch ging aan de overzijde voorbij. Evenzo ging ook een Leviet langs die plaats en hij zag hem en ging aan de overzijde voorbij. Doch een Samaritaan, die op reis was, kwam in zijn nabijheid, en toen hij hem zag, werd hij met ontferming bewogen. En hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden, goot er olie en wijn op; (...)

 

 

N 107
DE VERLOREN ZOON ALS VARKENSHOEDER
Luc. 15:14-17.
Als het geld op is treedt hij in dienst bij een heidense burger van dat land.
Toen hij er alles doorgebracht had, kwam er een zware hongersnood over dat land en hij begon gebrek te lijden. En hij trok er op uit en drong zich op aan een der burgers van dat land en die zond hem naar het veld om zijn varkens te hoeden. En hij begeerde zijn buik te vullen met de schillen, die de varkens aten, doch niemand gaf ze hem. Toen kwam hij tot zichzelf en zeide: Hoeveel dagloners van mijn vader hebben brood in overvloed en ik kom hier om van de honger.

 

 

N 110
DE RIJKE MAN EN DE ARME LAZARUS
- de maaltijd van de rijke man
Luc. 16:19-21.
En er was een rijk man, die gekleed ging in purper en fijn linnen en elke dag schitterend feest hield.
En er was een bedelaar, Lazarus genaamd, vol zweren, nedergelegd bij zijn voorportaal, die verlangde zijn honger te stillen met wat van de tafel van de rijke afviel; zelfs kwamen de honden zijn zweren likken.

 

 

N 136
DE GENEZING VAN DE VERLAMDE TE BETESDA
Joh. 5:5-9.
En daar was een man, die reeds achtendertig jaar lang ziek geweest was. Hem zag Jezus liggen en daar Hij wist, dat hij daar reeds lange tijd was, zeide Hij tot hem: Wilt gij gezond worden? De zieke antwoordde Hem: Here, ik heb geen mens om mij, zodra er beweging komt in het water, in het bad te werpen; en terwijl ik onderweg ben, daalt een ander vóór mij af. Jezus zeide tot hem: Sta op, neem uw matras op en wandel. En terstond werd de man gezond en nam zijn matras op en ging zijns weegs. Nu was het sabbat op die dag.

 

 

N 138
DE GENEZING VAN DE KNECHT VAN DE ROMEINSE HOOFDMAN VAN KAFARNAÜM a
Mat. 8:5-8 // Luc. 7:1-7.
Toen Hij nu Kafarnaüm binnenging, kwam een hoofdman tot Hem met een bede, en zeide: Here, mijn knecht ligt thuis, verlamd, met hevige pijn. Hij zeide tot hem: Zal Ik komen en hem genezen? Doch de hoofdman antwoordde en zeide: Here, ik ben niet waard, dat Gij onder mijn dak komt, maar spreek slechts een woord en mijn knecht zal herstellen.

 

 

N 138
DE GENEZING VAN DE KNECHT VAN DE ROMEINSE HOOFDMAN VAN KAFARNAÜM b
Mat. 8:5-8 // Luc. 7:1-7.
Toen Hij nu Kafarnaüm binnenging, kwam een hoofdman tot Hem met een bede, en zeide: Here, mijn knecht ligt thuis, verlamd, met hevige pijn. Hij zeide tot hem: Zal Ik komen en hem genezen? Doch de hoofdman antwoordde en zeide: Here, ik ben niet waard, dat Gij onder mijn dak komt, maar spreek slechts een woord en mijn knecht zal herstellen.

 

 

N 140
JEZUS STILT DE STORM OP HET MEER
Mat. 8:23-27 // Marc. 4:35-41 // Luc. 8:22-28.
En toen Hij in het schip ging, volgden zijn discipelen Hem. En zie, er kwam een grote onstuimigheid op de zee, zodat de golven over het schip sloegen; maar Hij sliep. En zij kwamen en maakten Hem wakker en zeiden: Here, help ons, wij vergaan! En Hij zeide tot hen: Waarom zijt gij bevreesd, kleingelovigen? Toen stond Hij op en bestrafte de winden en de zee, en het werd volkomen stil. En de mensen verwonderden zich en zeiden: Wat voor iemand is deze, dat ook de winden en de zee Hem gehoorzaam zijn?

 

 

N 158
DE OPWEKKING VAN LAZARUS
Joh. 11:43,44.
En na dit gezegd te hebben, riep Hij met luider stem: Lazarus, kom naar buiten! De gestorvene kwam naar buiten, de voeten en de handen gebonden met grafdoeken, en er was een zweetdoek om zijn gelaat gebonden. Jezus zeide tot hen: Maakt hem los en laat hem heengaan.

 

 

N 163
DE VERVLOEKING VAN DE VIJGEBOOM
Mat. 21:19 // Marc. 11:13.
En daar Hij een vijgeboom aan de weg zag staan, ging Hij erheen, doch Hij vond niets daaraan, dan alleen bladeren. En Hij zeide tot hem: Nooit groeie aan u enige vrucht meer, in eeuwigheid! En terstond verdorde de vijgeboom.

 

 

N 164
JEZUS DOOR DE ZONDARES GEZALFD
Luc. 7:37,38 // Joh. 12:3.
En zie een vrouw, die in de stad als zondares bekend stond, bemerkte, dat Hij aan tafel was in het huis van de Farizeër. En zij bracht een albasten kruik met mirre, en zij ging wenende achter Hem staan, bij zijn voeten, en begon met haar tranen zijn voeten nat te maken en droogde ze af met haar hoofdhaar, en kuste zijn voeten en zalfde ze met de mirre.

 

 

N 167
DE VOETWASSING
- Petrus weigert zich de voeten te laten wassen door Jezus
Joh. 13:6-8a.
Hij kwam dan bij Simon Petrus. Deze zeide tot Hem: Here, wilt Gij mij de voeten wassen? Jezus antwoordde en zeide tot hem: Wat Ik doe, weet gij nu niet, maar gij zult het later verstaan. Petrus zeide tot Hem: Gij zult mijn voeten niet wassen in eeuwigheid!

 

 

 

N 173
GEBED IN GETSEMANE - Jezus gesterkt door een engel
Luc. 22:43.
En Hem verscheen een engel uit de hemel om Hem de kracht te geven.

 

 

N 178
DE (DERDE) VERLOOCHENING VAN PETRUS
Mat. 26:75a // Marc. 14:72 // Luc. 22:60 // Joh. 18:27
En terstond kraaide een haan. En Petrus herinnerde zich het woord, dat Jezus gesproken had: Eer de haan kraait, zult gij Mij driemaal verloochenen.

 

 

N 186
DE GESELING
Joh. 19:1 // Mat. 27:26 // Marc. 15:15.
Toen nam dan Pilatus Jezus en liet Hem geselen.
[het vastbinden aan de geselpaal staat niet in de bijbel]

 

 

N 203
DE OPSTANDING
Mat. 28:2-4 // (Luc. 24:5,6).
En zie, er kwam een grote aardbeving, want een engel des Heren daalde uit de hemel neder en kwam nader en hij wentelde de steen weg en zette zich daarop. Zijn uiterlijk was als een bliksem en zijn kleding wit als sneeuw. En de bewakers werden door vrees voor hem bevangen en zij werden als doden.

 

De schouw

Behalve de bijbeltegels in de Fliesensaal is de schouw in de Upkammer een pronkstuk, bestaande uit drie grote bloemenvazen, de middelste bloemenvaas is omlijst met randtegels. De haardnis wordt aan weerskanten afgesloten met een feston. Onderaan bevinden zich twee rijen tegels met een ornament.  
In de vloer van de haardnis zijn 35 herkenbare Basterde histories en 3 Amsterdamse tegels aangebracht.

 

 25

 De haard met de bloemenvazen

 

 

 26

 Boezem van de schouw.

 

 

Boven de haardstede staan in de boezem de versregels uit de eerste brief van Petrus (1 Petrus 2:17):

THUT . EHER . IEDERMANN
HABT . DIE BRÜDER . LIEB
FÜRCHTET GOTT
EHRET DEN KÖNIG.
1 . S : PETRI 2 CAPITEL v 17.

In de fraaie gespiegelde letters (spiegelmonogram) kan men de letters S F E (Siebelt Frerichs Eymen) lezen.
De eerste grote verbouwing van de Sielhof zal plaats gevonden hebben toen in 1906 George van Eucken de eigenaar werd. Bij de restauratie en uitbreiding in de jaren 1988-1990 bleek dat ook in de Fliesensaal een schouw was geweest en dat de oostelijke muur ook betegeld is geweest gezien de afdrukken van tegels. Het is niet practisch en logisch een schouw te bekleden met dure tableaus zoals nu het geval is. De heer Horst Arians te Remels, die bij de restauratie in 1988 betrokken was, neemt aan dat die tableaus in de oostelijke wand hebben gezeten. Daar trof hij afdrukken van tegels aan.
De bloemenvazen van ieder 6 x 4 tegels en de twee festonnen van 6 tegels zijn geschilderd door Pals Karsten (ca. 1723-1776) van de gleibakkerij Buiten de Kerkpoort te Harlingen. Hij schilderde gedurendende 25 jaar tegeltableaus en faiencen van hoge kwaliteit. Een specialisme van hem waren schepentableaus en bloemenvazen. Van de schepentableaus konden 32 gedocumenteerd worden, van de bloemenvazen 17 stuks, daarvan 12 in de grootte van 6 x 4 tegels.
De rechter en linker bloemenvaas in de haardnis worden geflankeerd door een putto, die in het midden door twee papegaaien. In de piedestal heeft Pals Karsten een schip geschilderd, op die in het midden een stadsgezicht aan water.
Tegeltableaus zijn aan de achterzijde genummerd. De nummering is vaak een kenmerk van het handschrift van de schilder en/of een toeschrijvng van een bepaalde tegelbakkerij. Behalve de nummers is bijna altijd een letter geschilderd opdat de tegels na het sorteren bij elkaar blijven. De tableaus in de Sielhof zijn in 1992 uit de wand geweest om gerestaureerd te worden. Daarbij is gelukkig ook de achterzijde gefotografeerd. De bloemenvazen zijn van onder links naar rechts boven genummerd met 1 tot 24. Elke bloemenvaas heeft een eigen letter. Het tableau links draagt een F, die in het midden een B en de rechter een E. De schrijfwijze van de nummering en letters zijn kenmerkend voor Pals Karsten.
De haardstede wordt aan beide zijden afgesloten door een feston van zes tegels hoog. Gewoonlijk zijn twee festonnen elkaars spiegelbeeld, hier echter zijn het twee gelijke.

 

 27a

 Bloemenvaas, voorzijde, Pals Karste Harlingen, 1756

 

 

 27b

 Bloemenvaas, achterzijde met de tableaunummering F, Pals Karsten, Harlingen, 1756.

 

 

 28

 Bloemenvaas B (letters aan de achterzijde), Pals Karsten, Harlingen 1756.  

 

 

 29

 Bloemenvaas E (letters aan de achterzijde), Pals Karsten, Harlingen, 1756.  

 

 

 30

 Ornament, in het Harlinger modellenboek van ca. 1790 ‘Afrikaanse veren’ genoemd, Harlingen, 1756.

 

 31

 Randtegels, in het Harlinger modellenboek van ca. 1790 ‘Uitvolde List’ genoemd (uitgevulde rand), Harlingen, 1756.

 

 32

 Randtegels, ‘Uitvolde List’ (uitgevulde rand), Harlingen, 1756.

 

 

 33

 Feston, 6 x 1 tegel, Pals Karsten, Harlingen, 1756.

 

 

In deze bijdrage is getracht aan te tonen dat deze betegeling van de Sielhof vanuit verschillende gezichtspunten zeer interessant is. Voor het eerst is het belang van de Utrechtse tegelfabrikanten aangetoond. Hun producten dienden als voorbeeld, zowel voor Amsterdam als ook voor Harlingen.

 

Verantwoording van de afbeeldingen

Wolfgang Beier, Mönkeboe 12, alle tegels (behalve de Basterde histories) van de Sielhof in de tabellen + Overzicht 4 betreffende de beschrijving met bijbelteksten
Klaus Peter Dyroff, Schmiedeberg 5, 6, 7, 8
Gemeentmuseum Het Hannemahuis, Harlingen 31 (modellenboek)
Wilhelm Joliet, Königswinter 14, 19
Gerd Kühnast, Husum 11, 16
Rikus Oswald, Harlingen 21, 23
Jan Pluis, Noordsleen 2, 4, 9, 13, 16, 17, 20, 24, 27-30, 32, 33 + de sponsen en tegels (die niet in de Sielhof voorkomen)  in de tabellen
Achim Röder, Neuenhaus 25, 26
Nederlands Tegelmuseum, Otterlo 10
Heiko Wilts, Norden 3, 18

Mijn dank gaat uit naar de Kurverein Neuharlingersiel e.V., vooral in de persoon van Erwin Jacobs, die mij het mogelijk maakte deze publicatie te laten verschijnen. Er is ook een brochure gemaakt voor een breed publiek: Historische Bibelfliesen im Sielhof Neuharlingersiel - Biblische Erzählungen auf gebranntem Ton.
Deze zal in de herfst van 2015 bij de Kurverein Neuharlingersiel e.V. verschijnen.
Wilhelm Joliet en zijn zoon Norbert Joliet dank ik voor de voorbereiding van deze publicatie en het geschikt te maken voor internet.

Jan Pluis